De Paperassengids voor al je buitenlandplannen
JE BENT HIER: Home > Paperassenthema's > Thema

Kinderbijslag

In principe ontvangen je ouders kinderbijslag (ook wel ‘kindergeld’) zolang jij jonger bent dan 18. Woon je alleen en ben je minstens 16 jaar, dan ontvang je mogelijks zelf je kinderbijslag.

Ook na je 18de kunnen jij of je ouders kinderbijslag ontvangen, al zijn er vanaf dan wel voorwaarden verbonden aan het recht op kinderbijslag. Hieronder lees je meer over de algemene voorwaarden voor jouw situatie. Om te weten wat te doen staat bij een vertrek naar het buitenland klik je door naar de zoekmachine.

Kinderbijslag krijgen kan tot je maximum 25 jaar oud bent. De maand waarin je 25 jaar wordt, is de laatste maand waarin je dan kinderbijslag ontvangt.

1. Je bent leerling

Zolang je school loopt in het secundair onderwijs ontvangen je ouders of jijzelf kinderbijslag. Voor de kinderbijslagregeling betekent ‘school lopen’ dat je minstens 17 lesuren per week volgt in het secundair onderwijs.

Wat te doen?
Ben je jonger dan 18, dan hoef je niks te doen. Je ouders of jijzelf, als je zelfstandig woont, ontvangen automatisch de kinderbijslag.

Pas op!

Werk je tijdens het schooljaar en/of de zomervakantie? Dan behoud je je kinderbijslag enkel als je tijdens het schooljaar niet meer dan 240 uren per kwartaal of trimester werkt. Tijdens de zomervakantie (juli, augustus en september) mag je dan weer onbeperkt werken. Voorwaarde is wel dat je na die vakantie verder school loopt of naar het hoger onderwijs gaat. Is dat niet het geval dan mag je tijdens de zomervakantie niet meer dan 240 uren werken.

Hou ook rekening met het maximumbedrag dat je mag verdienen om te vermijden dat jij of je ouders meer belastingen moeten betalen. Klik voor meer informatie door naar het onderwerp ‘belastingen’.

2. Je bent student

Zolang je student bent en jonger dan 25, ontvangen je ouders of jijzelf kinderbijslag. Voor de kinderbijslagregeling betekent ‘studeren’ dat je voor minstens 27 studiepunten ingeschreven bent en blijft in het hoger onderwijs. Deze inschrijving moet gebeurd zijn voor 30 november van het jaar waarin je je studies aanvat.

Wat te doen?

Vanaf september van het jaar waarin je 18 wordt, stuurt het kinderbijslagfonds je jaarlijks een formulier P7. Eén van je ouders of jijzelf, indien je zelfstandig woont, vult dit formulier in en stuurt het terug. Op http://vlaanderen.famifed.be/nl/forms/50 vind je een voorbeeld van zo’n formulier.

Pas op!

Werk je tijdens het academiejaar en/of de zomervakantie? Dan behoud je je kinderbijslag enkel als je tijdens het schooljaar niet meer dan 240 uren per kwartaal werkt. Tijdens de zomervakantie (juli, augustus en september) mag je dan weer onbeperkt werken op voorwaarde dat je na de vakantie verder studeert. Is dat niet zo dan mag je tijdens de zomervakantie niet meer dan 240 uren werken.

Hou ook rekening met het maximumbedrag dat je mag verdienen om te vermijden dat jij of je ouders meer belastingen moeten betalen. Klik voor meer info door naar het onderwerp ‘belastingen’.

3. Je zit in de beroepsinschakelingstijd (de vroegere ‘wachttijd’)

Ben je afgestudeerd van het secundair of hoger onderwijs, dan kan je je bij de VDAB (voor wie in Vlaanderen woont) of ACTIRIS (voor wie in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest woont) inschrijven als werkzoekende. Je komt dan in de beroepsinschakelingstijd terecht. Tijdens de beroepsinschakelingstijd blijven jij of je ouders de kinderbijslag ontvangen. De beroepsinschakelingstijd duurt maximum 12 maanden. Werk je tijdens deze periode, dan moet je voor het behoud van de kinderbijslag rekening houden met enkele beperkingen. Lees de info onder '5. Je begint te werken'.

Wat te doen?
Je hoeft zelf niks te doen. Wanneer je je bij de VDAB of ACTIRIS inschrijft als werkzoekende bezorgt deze alle gegevens automatisch aan het Federaal Agentschap voor de kinderbijslag.

4. Je ontvangt een inschakelings- of werkloosheidsuitkering

Doorliep je de beroepsinschakelingstijd en vond je op het einde van deze periode geen werk, dan heb je recht op een inschakelingsuitkering. Een werkloosheidsuitkering ontvang je dan weer wanneer je ontslagen werd nadat je minstens 312 dagen werkte in een periode van 21 maanden voor je de uitkering aanvraagt (situatie voor wie jonger is dan 36). In beide gevallen heb je geen recht meer op kinderbijslag.

5. Je begint te werken

Vind je vast werk tijdens de beroepsinschakelingstijd, dan ontvang je niet langer kinderbijslag. Werk je tijdelijk, dan mag je voor het behoud van de kinderbijslag niet meer verdienen dan €541,09 bruto per maand (bedrag in 2017). Verdien je meer dan wordt je kinderbijslag automatisch opgeschort. Wanneer je stopt met werken meld je je terug aan bij de VDAB (voor wie in Vlaanderen woont) of ACTIRIS ( voor wie in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest woont). De VDAB of ACTIRIS zorgt ervoor dat je terug kinderbijslag krijgt als je nog in je beroepsinschakelingstijd zit.

6. Geen van allen

Ben je jonger dan 18, dan ontvang je in principe automatisch de kinderbijslag. Ben je ouder dan 18 en jonger dan 25, dan heb je enkel recht op kinderbijslag als je studeert of in de beroepsinschakelingstijd zit. Lees hiervoor de informatie onder 'Je bent student’ of ‘Je zit in de beroepsinschakelingstijd’. Ben je geen student meer of zit je niet in de beroepsinschakelingstijd, dan heb je wellicht geen recht meer op kinderbijslag.  

Meer weten over de kinderbijslag?
Neem een kijkje op de website van Famifed (Federaal Agentschap voor de Kinderbijslag) of bij het Rijksinstituut voor de Sociale Verzekeringen der Zelfstandigen