Volgens de Belgische wet hebben ‘kinderen die lessen volgen of worden opgevoed buiten het land’ geen recht op kinderbijslag. Maar door een Europese bepaling kan je toch je kinderbijslag behouden wanneer je in een ander EER-land ‘studeert’ (volgens de bepalingen van de kinderbijslagregeling, zie algemene info):
Als je via een Europees uitwisselingsprogramma (Erasmus, Leonardo Da Vinci, e.d.) of een erkend Belgisch studieprogramma een deel van je studies op buitenlandse schoolbanken volgt is er sowieso geen probleem. Je blijft immers ingeschreven in een Belgische school. Volg je op eigen houtje studies in een ander EER-land dan ziet de situatie er anders uit.
Wat te doen?
Als je ingeschreven bent in een Belgische school: Vanaf september van het jaar waarin je achttien wordt stuurt je kinderbijslagfonds je jaarlijks het formulier P7. Dat formulier laat je door je Belgische school invullen, die ook het deel van je buitenlandse opleiding moet omschrijven.
Als je niet meer ingeschreven bent in een Belgische school en een volledige opleiding in een andere EER-lidstaat wil volgen, dan moet je je daar als regelmatige student in een school inschrijven. Je moet er ook een opleiding volgen die goed is voor minstens 27 studiepunten. In deze situatie vul je het formulier P7INT in. Dat moet door de rechthebbende (jij of één van je ouders) en door de buitenlandse school ingevuld worden. Meer info lees je onder andere op www.rkw.be of www.kindergeld.be.